Wat is Stotteren?

Stotteren is vaak en lang onderbrekingen maken tijdens het praten.
Deze onderbrekingen zijn herhalingen van klanken, lettergrepen, woorden of (delen van) zinnen. Bijvoorbeeld: me-me-melk, ik ga naar ik ga naar school. Ook komen er verlengen voor van klanken: mmmmmmmmmelk. Stotteraars zeggen ook vaak ‘uhm’ tussen hun verhaal door, of ze maken een zin niet af, en gaan hem opnieuw formuleren.

Wij maken, vooral als we moe zijn, ook wel eens zo’n onderbrekingen. Dit is helemaal niet erg. We noemen dat normale niet- vloeiendheden. Maar als je in 100 gesproken woorden meer dan 10 van die onderbrekingen hebt (Dat is dus behoorlijk veel en opvallend) dan spreek je van stotteren. Ook zijn stotteraars zich vaak bewust van hun stotteren en gaan zich frustreren. Dit levert weer extra spanningen op. Deze spanning hoor je ook in hun stotter. Vaak zie je dan ook ontsnappingsgedrag. Een stotteraar gaat bijvoorbeeld met z’n ogen knipperen om de stotter te ‘maskeren’.

Hoe komt het dat iemand stottert?

Wanneer je praat worden op het juiste moment de juiste spieren aangespannen waardoor je een klank/woord/zin uitspreekt. Bij stotteren is deze timing echter niet in orde. De spieren worden niet goed op elkaar afgestemd door de hersenen waardoor de bewegingen te laat/vroeg komen. Dit zorgt voor een hapering in de spraak. Daarnaast corrigeren mensen hun eigen spraak zodra ze horen dat er iets fout is gegaan. Bij stotteraars is dit terugkoppelsysteem overactief: ze corrigeren heel snel. Wanneer er dus iets mis gaat met de timing gaat het terugkoppelsysteem van de stotteraar tegen zijn wil in meteen corrigeren. Zo worden de haperingen dus herhaald en heb je een stotter. Opmerkelijk is dan ook wanneer een stotteraar zichzelf bijvoorbeeld in lawaai niet goed hoort, hij ook minder stottert!
Dit is overigens één van de vele theorieën over stotteren.

Zijn er aanleidingen voor stotteren?

Stotteren is erfelijk of aangeboren. Daarnaast heb je een lichte, matige en ernstige vorm van aanleg. Hoe je gaat stotteren is dus afhankelijk van je aanleg maar ook van je omgeving! Iemand die een ernstige aanleg heeft gaat zeker stotteren. Iemand met een lichte aanleg gaat alleen stotteren wanneer de omstandigheden ongunstig zijn:
-Wanneer je heel snel praat, of in je omgeving (bijv. ouders van kleine kinderen) heel snel wordt gesproken, ga je sneller stotteren.
-Vooral bij kinderen heeft veel stress/spanning in de omgeving negatieve invloed. Ook als je zelf gespannen bent ga je sneller stotteren (denk maar aan je spreekbeurten). Bij kinderen zijn spanningen als Sinterklaas vaak ook een aanleiding.
-Bij kinderen die een (groot) taalprobleem hebben en daarnaast dus ook aanleg voor stotteren, gaan dit dan ook vaak doen.

Wat zijn de gevolgen voor de stotteraars zelf?

Mensen die stotteren, krijgen dit vaak zelf in de gaten. Ze gaan zich voor hun stotteren schamen en krijgen frustratie. Hierdoor wordt de spanning alleen maar hoger en het stotteren dus erger. Sommigen gaan bepaalde woorden gewoon niet meer zeggen omdat ze weten dat ze dan gaan stotteren. Anderen gaan kracht gebuiken om maar niet te hoeven stotteren. Dit noem je vechten. Ook zijn er die helemaal 'bevriezen' in hun stotter: da da daaaaaaaaaaaaaaaaaan (ze komen er gewoon helemaal niet meer uit)

Zorg dus dat je de stotteraar laat merken dat het niet erg is dat hij stottert. Neem ook de tijd om een stotteraar uit te laten praten en ga hem niet aanstaren!

In de therapie van een logopedist is het dan ook heel belangrijk om de stotteraar eerst zijn stotteren te laten accepteren.

Weetjes

5 % stottert. Kinderen stotteren meer dan volwassenen en meer jongens stotteren dan meisjes. Kinderen hebben wel een betere genezingskans. Als je in je puberteit nog steeds stottert, gaat het waarschijnlijk nooit meer helemaal over. Je kunt het dus wel minder maken door bijv. langzamer te praten en je niet te schamen. 50-85 % hersteld wel van het stotteren.

Stotteren begint vaak tussen 1,5 en 12 jaar. Vooral bij kleine kinderen hoor je nog al eens een stotter. Dit komt omdat ze dan in korte tijd een snel groei in de taalontwikkeling doormaken.

Wanneer je zingt stotter je niet omdat bij zingen het tempo lager ligt, het is ritmisch en je kent de tekst vaak al.

Beroemdheden die stotteren: Frans Bauer, Charles Darwin, Marilyn Monroe....

   

10 geboden voor het stotteren:

1. Bij het begin van een zin, adem ik in om me mentaal te versterken
2. Terzelfder tijd doe ik contracties met mijn armspieren
3. Ik kijk de mensen die ik aanspreek voortaan recht in de ogen
4. Bij moeilijke woorden durf ik minder geëvolueerd te spreken
5. Al lopend kijk ik nooit meer naar mijn voeten
6. Mijn angsten bevecht ik steeds
7. Op straat zijn de voorbijgangers figuranten in de film waarin ik de hoofdrol speel
8. Ik werk voortdurend aan een positief zelfbeeld
9. Ik breek met die vernederingen en frustraties van vroeger
10.Met deze tips in het achterhoofd stap ik een nieuw leven tegemoet.